Marteling van de heilige Hippolytus

Op het middenpaneel wordt de Romeinse officier Hippolytus omwille van zijn geloof op een stuk brakke, onbegroeide grond gevierendeeld. Het is merkwaardig hoe Bouts aan de hand van een eigenaardige cirkelvormige compositie diepte probeert te scheppen in het werk. Bouts was gefascineerd door de perspectiefwerking en was voortdurend op zoek hoe deze kon toegepast worden in de schilderkunst.

Op het rechterluik kijkt keizer Decius, in rijk brokaat en met staf, samen met zijn gevolg toe op de terechtstelling. De opdrachtgevers worden samen op het linkerluik afgebeeld: Hippolyte de Berthoz (+1502), dignitaris aan het Bourgondisch Hof en zijn echtgenote Elisabeth van Keverwyck.

Het feit dat ze samen op hetzelfde paneel worden afgebeeld en zo verbonden zijn met de martelscène is nieuw in de schilderkunst. De verbondenheid van de zijpanelen met het centrale gebeuren wordt nog versterkt door het heuvelachtig landschap dat doorheen de drie luiken doorloopt.

Twee van de belangrijkste kunstenaars uit de 15de eeuw werkten achtereenvolgens aan dit drieluik. Dirk Bouts, stadsschilder van Leuven, schilderde het middenpaneel en het rechterluik. Waarschijnlijk was het werk niet af bij zijn dood in 1475 waarna Hugo van der Goes het linkerluik en de grisailles (H. Hippolytus en H. Elisabeth) aan de buitenzijde van de luiken voltooide.